Woordenlijsten Zoek woorden

Lijst met woorden bevattend met

Snelle modus

Klik om een zesde letter toe te voegen

Klik om de laatste letter te verwijderen

Klik om de woordgrootte te wijzigen
Allemaal alfabetischAllemaal op maat567891012


Er zijn 17 woorden bevattend met GRAAS

afgraasafgraasdeafgraasdenafgraastbegraasbegraasdebegraasdenbegraastgraasgraas␣afgraasdegraasde␣afgraasdengraasden␣afgraastgraast␣afkaalgegraasd

31 definities gevonden

  • afgraas — w. (In een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgrazen.
  • afgraasde — w. (In een bijzin) enkelvoud verleden tijd van afgrazen.
  • afgraasden — w. (In een bijzin) meervoud verleden tijd van afgrazen.
  • afgraast — w. (In een bijzin) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgrazen. — w. (In een bijzin) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgrazen.
  • begraas — w. Eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van begrazen. — w. Gebiedende wijs van begrazen. — w. (Bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van begrazen.
  • begraasde — w. Enkelvoud verleden tijd van begrazen.
  • begraasden — w. Meervoud verleden tijd van begrazen.
  • begraast — w. Tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van begrazen. — w. Derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van begrazen. — w. (Verouderd) gebiedende wijs meervoud van begrazen.
  • graas — w. Eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van grazen. — w. Gebiedende wijs van grazen. — w. (Bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van grazen.
  • graas␣af — w. Eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgrazen. — w. Gebiedende wijs van afgrazen. — w. (Bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgrazen.
  • graasde — w. Enkelvoud verleden tijd van grazen.
  • graasde␣af — w. Enkelvoud verleden tijd van afgrazen.
  • graasden — w. Meervoud verleden tijd van grazen.
  • graasden␣af — w. Meervoud verleden tijd van afgrazen.
  • graast — w. Tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van grazen. — w. Derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van grazen. — w. (Verouderd) gebiedende wijs meervoud van grazen.
  • graast␣af — w. Tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgrazen. — w. Derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgrazen. — w. (Verouderd) gebiedende wijs meervoud van afgrazen.
  • kaalgegraasd — bijv. Van een gebied dat er zoveel gras is gegeten door grazende… — bijv. (Figuurlijk) alles opkopen zodat er niets meer van een product overblijft.
Vorige lijstVolgende lijst
Willekeurig woordTerug naar boven


Ortograf Inc.Deze site maakt gebruik van computercookies, klik om meer te weten. Ons privacybeleid.
© Ortograf Inc. Website bijgewerkt op 23 juni 2023 (v-2.0.1z). Informatie & Contacten.