Lijst met woorden van 8 letters bevattend met Snelle modus Klik om een vierde letter toe te voegen
Klik om de laatste letter te verwijderen
Klik om de woordgrootte te wijzigen Allemaal alfabetisch Allemaal op maat 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21
Er zijn 21 woorden van acht letters bevattend met SNUinsnuift nietsnut opsnuift snuffelt snuffend snufferd snuifjes snuift␣in snuift␣op snuister snuitend snuiters snuitjes snuitten snuit␣uit snuivend snuivers snurkend snurkers snurkten uitsnuit 35 definities gevonden- insnuift — w. (In een bijzin) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van insnuiven. — w. (In een bijzin) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van insnuiven.
- nietsnut — n. Iemand die voor niets deugt.
- opsnuift — w. (In een bijzin) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opsnuiven. — w. (In een bijzin) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opsnuiven.
- snuffelt — w. Tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van snuffelen. — w. Derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van snuffelen. — w. (Verouderd) gebiedende wijs meervoud van snuffelen.
- snuffend — w. Onvoltooid deelwoord van snuffen.
- snufferd — n. (Informeel) neus. — n. (Informeel) gezicht.
- snuifjes — n. Verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord snuif.
- snuift␣in — w. Tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van insnuiven. — w. Derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van insnuiven. — w. (Verouderd) gebiedende wijs meervoud van insnuiven.
- snuift␣op — w. Tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opsnuiven. — w. Derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opsnuiven. — w. (Verouderd) gebiedende wijs meervoud van opsnuiven.
- snuister — w. Eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van snuisteren. — w. Gebiedende wijs van snuisteren. — w. (Bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van snuisteren.
- snuitend — w. Onvoltooid deelwoord van snuiten.
- snuiters — n. Meervoud van het zelfstandig naamwoord snuiter.
- snuitjes — n. Verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord snuit.
- snuitten — w. Meervoud verleden tijd van snuiten.
- snuit␣uit — w. Enkelvoud tegenwoordige tijd van uitsnuiten#gebiedende wijs van uitsnuiten.
- snuivend — w. Onvoltooid deelwoord van snuiven.
- snuivers — n. Meervoud van het zelfstandig naamwoord snuiver.
- snurkend — w. Onvoltooid deelwoord van snurken. — bijv. Bezig met snurken.
- snurkers — n. Meervoud van het zelfstandig naamwoord snurker.
- snurkten — w. Meervoud verleden tijd van snurken.
- uitsnuit — w. (In een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitsnuiten. — w. (In een bijzin) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitsnuiten. — w. (In een bijzin) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitsnuiten.
Zie deze lijst voor:
|